Betaal of ik schiet

Ik ben wel eens wat minder tevreden over de werkwijze van of de betaling door mijn klanten, maar ik mag toch hopen dat ik daar nooit zo op ga reageren als deze anonieme Afghaanse vertaler waarover wordt bericht op de website van de Telegraaf:

Tolk doodt twee militairen VS

Kabul –  Een Afghaanse vertaler heeft vrijdag twee Amerikaanse militairen neergeschoten.
De tolk zou geen Taliban-aanhanger zijn maar zou wel ontevreden zijn over zijn betaling en behandeling, zei een anonieme medewerker van de NAVO tegenover CNN.
Meteen na de moord op de Amerikanen is de vertaler doodgeschoten.
Er is een onderzoek ingesteld door de ISAF-veiligheidsmacht.
Omdat in dit stukje de termen ‘tolk’ en ‘vertaler’ door elkaar worden gebruikt, was ik nieuwsgierig naar wat er in het originele bericht had gestaan. Dat kan ik helaas niet terugvinden op internet. Wel vond ik, googelend op ‘translator’ en ‘afghanistan’, een ontluisterend artikel uit de Huffington Post van ongeveer een half jaar geleden over Amerikanen die als vertaler danwel tolk naar Afghanistan worden gestuurd.
Vertalen voor het Amerikaanse leger is blijkbaar zeer lucratief:
Millions of dollars are involved. Known as Category II translators – U.S. citizens who obtain a security clearance – such linguists earn a salary that starts at $210,000 a year.
De recruitment companies sturen dan ook iedereen die ze zo gek kunnen krijgen en spiegelen ze daarbij voor dat ze een soort kantoorbaantje krijgen. Kort na aankomst nemen veel nieuwe vertalers echter alweer ontslag, als ze niet zelf ontslagen worden, omdat ze in levensgevaarlijke situaties op het slagveld moeten werken, waarvoor ze helemaal niet geschikt zijn. Ze zouden lichamelijk net zo fit moeten zijn als de militairen, maar:
“They were too old. They couldn’t breathe. They complained about heart problems,” he [Gunnery Sgt. James Spangler] said. “We almost made a joke of it. We’re almost receiving people on oxygen tanks and colostomy bags; it’s almost getting to that point.”
Nu kan ik me zo voorstellen dat een Afghaanse vertaler niet dat enorme bedrag van 210.000 dollar per jaar krijgt (wat ik overigens voor het gevaar dat een vertaler daar loopt eigenlijk helemaal niet overdreven veel vind), maar wel onder dezelfde omstandigheden moet werken. En dan kan ik me ook voorstellen dat je daar dan verre van tevreden over bent. Maar mensen doodschieten helpt overduidelijk niet…

IJs

Als je actief bent voor een ijsvereniging, heb je natuurlijk gauw de nijging neiging om overal lange ij’s te schrijven, maar toch staat het wat vreemd, op de websijt website van de ijsvereniging achter mijn huis:

“Omdat het vannacht behoorlijk heeft gevroren en wij de ijsvloer gisteravond uitgebreid hebben gedwijld ligt er op dit moment een prachtige gladde ijsvloer.”

Maar het moet gezegd, dat uitgebrijde uitgebreide dwijlen dweilen heeft wel effect gehad, want de ijsvloer lag er gistermiddag inderdaad prachtig bij.

Crisis

Vandaag drong dan toch het eerste teken van de financiële crisis mijn kantoor binnen. Merkte ik tot nu toe alleen nog maar wat van die crisis doordat sommige klanten steeds om korting vragen, nu wordt het toch wat concreter. Een van mijn klanten, een Belgisch vertaalbureau dat ik vanwege de gevraagde vertrouwelijkheid niet bij name zal noemen, stuurde via een raadsman een e-mail over een “gerechtelijke reorganisatie” “omwille van tijdelijke liquiditeitsproblemen, die echter op middellange termijn zullen aanslepen”. De e-mail was in drie talen opgesteld (Engels, Frans en Nederlands), maar door het juridische taalgebruik voor mij toch niet altijd even duidelijk. Maar de essentie lag in deze zin:

“Als leverancier maakt u deel uit van de groep commerciële leveranciers die onmisbaar zijn voor de goede werking en de continuïteit van XYZ; bijgevolg verzoekt XYZ u om de commerciële relaties verder te zetten en om het eventuele betalingsachterstal te bevriezen op 31.01.2010; alle facturen die worden opgesteld vanaf 01.02 zullen betaald worden in overeenstemming met de algemene voorwaarden, met name op 60 dagen.”

Tenzij ik me erg vergis, staat hier dus dat facturen die voor 1 februari zijn opgesteld, voorlopig (of op den duur helemaal) niet zullen worden betaald, maar dat ons als vertalers desondanks wordt gevraagd voor het bedrijf te blijven werken. Als we dat doen, zullen onze nieuwe facturen binnen 60 dagen worden betaald.

Gelukkig was dit voor mij een vrij nieuwe klant waarvoor ik nog maar twee kleine opdrachten had gedaan en zijn ze me daardoor maar ongeveer 150 euro schuldig. Ik ben benieuwd of ik die ooit nog tegemoet mag zien…

Dat is wel erg snel

Woensdagavond, 21.20 uur. Ik zit nog te werken, omdat ik daar vandaag overdag nauwelijks aan toegekomen ben. Ik was weer eens gezwicht voor de vraag of ik hulpmoeder op school wilde zijn en zo kwam het dat ik de hele middag mocht doorbrengen in een sporthal vol kinderen, hulpvaders en -moeders en leerlingen van een sportopleiding, als coach van een groep van zes 8- en 9-jarigen die meededen aan het basisschoolcirculatievolleybaltoernooi (mooi Scrabble-woord). We werden vijfde in een poule van zes teams, dus gingen net niet helemaal eerloos ten onder…

Maar goed. Om 21.20 uur zag ik een e-mail binnenkomen. De afzender was een vertaalbureau dat ik nog niet kende en dat probeerde het Belgische ministerie van Financiën als nieuwe klant binnen te halen. Daarvoor had het eerst nog wel vertalers met ervaring met financiële teksten nodig. Of ik, als ik interesse had, dus maar mijn cv wilde opsturen, aangevuld met een referentie van een andere klant over financiële opdrachten die ik voor die klant had gedaan. En dat wilden ze dan wel graag vóór woensdag 13 januari 14.00 uur krijgen.

Nu is dit helemaal niet mijn vakgebied, en ik heb ook geen ambities in die richting. Maar een verzoek als dit belooft niet veel goeds voor de deadlines van het bureau…

Paardekooper

Nu was het afgelopen augustus toch alweer dertig jaar geleden dat ik voor het eerst naar de middelbare school ging. En dus negenentwintig jaar geleden dat ik de leraar kreeg die ons op één jaar na tijdens de rest van het Atheneum Nederlands gaf. Voor grammatica gebruikten we een methode van Paardekooper, die vooral opviel doordat in de voorbeeldzinnen consequent ie in plaats van hij werd gebruikt en doordat ze constructies als groter als bevatten. Onze leraar Nederlands ging er prat op dat hij les had gehad van Paardekooper. Hij leerde ons bij het voorlezen van stukken literatuur zoveel mogelijk ie te lezen waar hij stond, en ‘t waar het stond, en met groter als had ook hij geen probleem.  Of hij die lessen had gehad op de middelbare school of op de universiteit, zo ver gaat mijn geheugen niet meer. Maar aangezien die leraar grijs en kalend was, moest Paardekooper in mijn beleving al helemaal een oude man zijn. In die tijd al.

Vandaag las ik een artikel over dubbele ontkenningen in het januarinummer van Onze Taal. Ik had niet gekeken naar de naam van de auteur en aan het taalgebruik van het artikel was me niets bijzonders opgevallen. Wel bevreemdde het me een beetje dat de auteur, tegen alle heersende opinies in, geen enkel probleem met dubbele ontkenningen in het Nederlands leek te hebben.

Helemaal onder aan het artikel stond de volgende opmerking: “De auteur weet van het verschil tussen hij en ie, als en dan, etc., maar stelt er prijs op zijn eigen keuze te maken”. Mijn eerste gedachte, uiteraard, was “Dat lijkt Paardekooper wel”. En inderdaad, het artikel bleek geschreven te zijn door Piet Paardekooper, die blijkbaar destijds toch wat jonger was dan ik had gedacht. (Overigens komt in het hele artikel één keer ie en twee of drie keer z’n voor, en veel vaker hij en zijn.)

Een snelle zoekactie met Google levert niet meteen een geboortejaar op, maar wel een artikel in Trouw uit april 2003, waarin Paardekooper wordt opgevoerd als “P.C. (Piet) Paardekooper (82)”, die “wordt gezien als Nederlands eigenzinnigste taalkundige”. We zijn inmiddels zeven jaar verder, dus de man is nu 89 en blijkbaar nog steeds actief genoeg om af en toe eens een knuppel in een hoenderhok te gooien.

Hoewel ik op de middelbare school, waarschijnlijk door de voor mij overdadige aandacht voor ontleden, een flinke hekel aan (de methode) Paardekooper had en ik zijn standpunten lang niet altijd deel, kan ik hem voor die vasthoudendheid alleen maar bewonderen!

(Die leraar Nederlands blijkt overigens in 2006 pas 60 te zijn geweest, dus die was in de tijd dat ik les van hem had nog een stuk jonger dan ik nu ben…)

2009

Het is even wat rustig geweest hier. De dag na mijn laatste blogbericht vertrok ik in alle vroegte voor een welverdiende vakantie van ruim twee weken (misschien nog wel een logje waard, een dezer dagen). De vier dagen die ik nu terugben, heb ik voornamelijk gebruikt voor het wegwerken van de vakantiewas, -post en -kranten en het opruimen van een deel van de troep die zich in de drukte vóór de vakantie had opgehoopt in huis. Pas vandaag, tussen die bedrijven door, kwam ik toe aan het afsluiten van het werkjaar 2009. Terwijl vanavond op de ijsbaan achter het huis, waarop ik uitkijk vanuit mijn zolderraam, de eerste baantjes van deze winter werden getrokken, heb ik de balans van het afgelopen jaar opgemaakt (figuurlijk dan – de echte balans laat ik over aan mijn boekhouder…).

De eerste conclusie: 2009 was op zich geen slecht jaar. Ondanks de financiële crisis steeg mijn omzet met een kleine negen procent ten opzichte van 2008. Van vier klanten uit 2008 kreeg ik het afgelopen jaar geen werk, maar daar stonden ook weer vier nieuwe klanten tegenover. Ook de verhouding tussen de verschillende klanten was goed: de top 20% zorgde voor 66% van de omzet (70% in 2008). Van mijn grootste klant kreeg ik iets minder werk en doordat de totale omzet van 2009 hoger was dan die van 2008, zakte het aandeel van die grootste klant van 55 naar 47%.

In 2009 was de toestroom van werk onverminderd constant. Ik heb geen moment ongewild zonder werk gezeten, maar kon me naast de nodige losse vrije dagen in totaal wel zo’n acht geplande vrije weken veroorloven, net zoals in 2008. Helaas, en daar heb ik het al eens eerder over gehad, moest ik in de overblijvende werkweken wel heel wat meer werken – maar liefst 18% meer. Mijn financiële productiviteit zakte daardoor met 8%.

Ik weet dus wat me te doen staat voor 2010: uitzoeken waar het aan ligt dat ik meer moet werken voor hetzelfde bedrag, me concentreren op de klanten met de hogere woordtarieven en zien of ik er nog een paar nieuwe klanten bij kan krijgen die wat meer betalen dan mijn slechtstbetalende bestaande klanten.

Voorlopig plan ik een rustig begin. Eerst maar eens alles goed op orde (qua rommel, financiën en andere zaken) voordat ik er weer nieuwe drukte bij creëer!