Vertalers en hun klanten

Op haar weblog Musings from an overworked translator  postte Jill Sommer gisteren een top 10 van adviezen aan klanten. Ik zal ze hier niet allemaal overnemen, maar haar als advies vermomde klachten kwamen me stuk voor stuk erg bekend voor.  Van vragen om tariefverlagingen (nummer 2) tot slordige communicatie (nummer 10) en van te grote hoeveelheden (nummer 4) tot te weinig feedback (nummer 7): ik kom ze allemaal regelmatig tegen.

Een tijd geleden ontdekte ik via via dit filmpje, dat erg veel met deze top 10 te maken heeft:

Geen vakantie meer

De vakantie is voorbij. Zes weken had ik vrij. Nou ja, vrij… Ik heb niet gewerkt. Maar ik bleef natuurlijk moeder, het huishouden verdween niet en ik kreeg ook nog eens een week bezoek uit het buitenland waarvoor er vooraf veel extra werk in huis moest gebeuren. Maar er waren geen deadlines, schooltijden en buitenschoolse activiteiten. Geen wekker, geen dwingende verplichtingen.

Nu is dat weer voorbij. Ik had nog geen werk gepland voor deze week (sterker nog, de eerste aangekondigde opdracht zou pas eind deze maand beginnen), dus ik hoopte op een rustig begin. Mijn nieuwe laptop verder inrichten, misschien wat achterstallige administratie en heel misschien een klein opdrachtje om op gang te komen. Dat ging toch wat anders.

De dag begon, zoals gepland, redelijk rustig. Ik heb me weer eens voorgenomen om de ochtenden wat minder hectisch te maken, dus ik had gisteravond alles al klaargelegd. Schone kleren voor dochterlief, eten en drinken in haar schooltas, haar schoenen en bril opgezocht, tafel gedekt voor het ontbijt. Heerlijk was dat vanmorgen. Wat minder leuk was dat dochterlief van de zenuwen een uur te vroeg wakker werd en mij ook wakker maakte. Maar goed. Ik leverde haar keurig tegen half negen op school af en deed vervolgens een rondje door de supermarkt. Thuis nog even wat huishoudelijke klusjes opgeknapt en toen deed ik mijn laptop open. Ik had mijn mail nog niet gestart of er floepte een mailtje binnen: klant W. uit Amsterdam vroeg of ik tijd had voor 450 woorden telecom voor vandaag en 1600 woorden software voor morgen. Prima, redelijk rustig nog. Terwijl ik net aan het kleinste opdrachtje was begonnen, stuurde W. weer een mail: konden er vandaag nog 1700 woorden voor een website over computeraccessoires bij? Natuurlijk. 2150 woorden op een dag, dat moet te doen zijn.

Waar ik geen rekening mee had gehouden, was dat ik nog niet alle noodzakelijke software op mijn nieuwe laptop had geïnstalleerd. Voor het kleine opdrachtje was dat geen probleem; dat moest gewoon in Excel, met een paar speciale, meegestuurde macro’s. Maar die 1700 woorden moesten in een TM-programma dat bij een andere klant op een server draait. Na enig zoekwerk kon ik nog wel de e-mail vinden waarin de installatiegegevens voor dat programma stonden, maar de gebruikersnaam en het wachtwoord die daarin stonden, bleken niet meer te werken. Geen nood, het programma stond ook nog op mijn hoofdcomputer, een enigszins verouderde pc. Helaas werkt die een stuk trager dan mijn gloednieuwe laptop en zeker als er dingen via internet moeten gebeuren, dus het vertalen van die 1700 woorden duurde een stuk langer dan gepland.

Natuurlijk kon ik ook niet gewoon aan één stuk doorwerken, want zo werkt het vrijwel nooit met mij. Net voor twaalven had ik de kleine opdracht af en kon ik net op tijd op de fiets springen om dochterlief van school te halen. Nadat ik haar ‘s middag weer naar school had gebracht, kon ik net anderhalf uur aan de grotere opdracht werken voordat ik haar weer moest ophalen. Toen moesten we eerst dringend de stad in om gymschoenen voor haar te kopen, want haar voeten waren alweer gegroeid. Er ging een vriendinnetje mee op de fiets, dus erg snel ging het allemaal niet. Ruim een uur later was ik pas weer thuis. Dochterlief was gelukkig nog even met het vriendinnetje mee naar huis en manlief was zo vriendelijk om zich over het eten te bekommeren, dus kon ik me nog even goed concentreren. Precies om half zes, net toen manlief het eten klaar had, stuurde ik mijn vertaalde bestanden terug.

In de tussentijd had klant W. me ook nog gepolst over 12.500 woorden die eind volgende week af moeten, en mailde klant L. uit Brussel of ik tijd had voor 6500 woorden voor eind deze week. Die laatste opdracht bleek achteraf al aan een ander te zijn vergeven. Doordat ik even weg was geweest, had ik niet meteen kunnen reageren en “dus” had L. maar vast contact opgenomen met een andere vertaler. Geen leuke praktijken, maar een ramp is het niet. Aan de stroom e-mails van vandaag te zien, is de crisis op mijn vakgebied nog steeds niet ingetreden en hoef ik me voorlopig geen zorgen te maken dat ik zonder werk kom te zitten…

(Niet) kunnen lezen

Leer lezen en schrijvenIk ging vandaag eindelijk een nieuwe reservebril uitzoeken om naast mijn lenzen te gebruiken. Mijn oude reservebril sneuvelde twee jaar geleden toen ik er per ongeluk op ging zitten en omdat ik mijn lenzen zonder problemen zo’n beetje dag en nacht in heb, had ik tot nu toe niet veel haast gemaakt met vervangen. De opticien heeft namelijk het liefst dat je je lenzen ‘s avonds uitdoet en dan pas op de middag van de volgende dag, zónder lenzen, je ogen laat meten. En het komt mij meestal niet zo uit om zo lang halfblind rond te lopen. Ik heb tenslotte geen reservebril meer.

Maar het wordt steeds lastiger zonder bril. Als ik ‘s avonds nog even in bed televisie wil kijken voordat ik ga slapen, kan ik zonder lenzen de ondertiteling niet meer lezen, al staat de tv hooguit tweeëneenhalve meter van mijn gezicht af. En als ik ‘s morgens opsta, moet ik meteen mijn lenzen indoen, anders heb ik binnen de kortste keren hoofdpijn.

Dus deed ik vanmorgen mijn lenzen niet in en vertrok ik aan het begin van de middag met een beginnende hoofdpijn naar de opticien. Een uurtje later waren mijn ogen doorgemeten, had ik twee monturen uitgezocht (tweede bril cadeau), had ik me laten voorlichten over kosten, vergoedingen en all-risk verzekeringen en besloot ik nog even de stad in te gaan. Daar was ook geen lol aan. Ik was voortdurend bang dat ik bekenden straal voorbij liep omdat ik geen gezichten herkende en ik kon niet van grote afstand de leuke aanbiedingen al zien.

Ik begon wel honger te krijgen en besloot mezelf op een broodje van Bakker Bart te trakteren. Hoewel het broodjesmenu met koeienletters achter de balie hing, kon ik daar niets van lezen. Met enige moeite zag ik dat er panini’s waren in verschillende smaken, maar wat de ingrediënten waren? Ik kon het met geen mogelijkheid lezen, zelfs niet als ik helemaal over de balie heen ging hangen. Er zat dus niets anders op: ik moest een medewerkster vragen om het menu voor me voor te lezen. Als ze maar niet denkt dat ik niet kan lezen, dacht ik nog. En toen een collega van haar wat later vriendelijk lachend naar me keek: zie je wel, ze hebben het aan elkaar verteld.

En hoewel niet kunnen lezen of schrijven helemaal niet iets is om je voor te schamen, ging ik dat dus haast wel doen. Terwijl ik geen enkel probleem met lezen en schrijven heb. In tegendeel, het is mijn vak. Dus hoe moeilijk moet het niet zijn voor mensen die écht niet of maar matig kunnen lezen en schrijven. Over een kleine maand is het weer Week van de Alfabetisering, waarin aandacht wordt gevraagd voor de 1,5 miljoen volwassenen in Nederland die grote moeite hebben met lezen en schrijven en de 25% (!) van de kinderen die de basisschool verlaat met een leesachterstand van twee jaar. Met als doel het stigma te verminderen en wat aan het probleem te doen.

Ik heb zodra ik thuiskwam mijn lenzen weer ingedaan.

Automatische VAR

Goed nieuws van de Belastingdienst, die het blijkbaar inderdaad wat makkelijker wil maken. In de nieuwsbrief van FNV Zelfstandigen las ik het volgende:

De Belastingdienst stuurt zelfstandig ondernemers voortaan automatisch een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) toe. U krijgt de VAR vanaf half augustus vanzelf in de brievenbus, als u de afgelopen drie jaar een ongewijzigde VAR hebt gehad. Geldt dit niet voor u, dan kunt u vanaf half september zelf een VAR aanvragen via de website van de Belastingdienst. Het advies is om uw VAR goed na te kijken. Er zijn vier verschillende verklaringen mogelijk. Hebt u de VAR gekregen die u wilt? Let ook goed op de omschrijving van uw werkzaamheden. Bent u bijvoorbeeld in de tussentijd ook andere activiteiten gaan ondernemen, moet u daarvoor een tweede VAR aanvragen. (Meer informatie op de site van FNV Zelfstandigen.)

Voor iemand die, zoals ik, er vaak pas in januari of februari aan denkt om een nieuwe VAR aan te vragen, nadat al haar Nederlandse klanten al gevraagd hebben om een kopie, is dit erg praktisch. Nu maar hopen dat de Belastingdienst niet weer allerlei dingen door elkaar gaat halen, zoals bij mij wel vaker gebeurt…

Wat wil de klant eigenlijk?

Na een dagje stadten met dochterlief (het is tenslotte nog steeds vakantie) vond ik een mailtje in mijn Inbox van een collegavertaler die als een soort freelance teamleider werkt voor een van mijn grootste klanten. Of ik binnenkort weer wil meedoen aan een redelijk grote opdracht van die klant. Hij was zelf wat cynisch over de eisen van de klant en toen ik het vervolg van de mail had gelezen, begreep ik waarom.

De eindklant, bedrijf X, maakt een nieuwe versie van een bepaald softwarepakket. Die nieuwe versie moet worden vertaald, en bedrijf X heeft daarom vertaalbureau Y gevraagd de boel naar 47 talen te vertalen. Er moeten per taal zo’n 260.000 woorden worden vertaald, waarvan er door gebruik van een vertaalgeheugen afhankelijk van de taal nog 202.000 of 111.000 gewogen woorden overblijven. Voor het Nederlands gaat het (gelukkig) om 111.000 woorden. Hoewel er een behoorlijk verschil zit tussen 202.000 en 111.000, geldt voor alle talen hetzelfde schema, dat behoorlijk krap is.

Maar vertaalbureau Y kiest niet voor de meest efficiënte weg, die van rechtstreeks uitbesteden aan freelance vertalers. Nee, in plaats daarvan worden de 47 talen verdeeld onder 4 regionale kantoren van vertaalbureau Y. Nederlands valt, samen met Spaans, Baskisch, Catalaans, Italiaans, Portugees-Portugees, Braziliaans-Portugees, Frans, Duits, Deens, Zweeds, Noors en IJslands onder het kantoor in Madrid. En dat kantoor kiest dus wederom niet voor rechtstreeks contact met de vertalers, maar besteedt de boel, in ieder geval voor het Nederlands, uit aan een freelance teamleider, die ervoor moet zorgen dat die 110.000 woorden, die hij op z’n vroegst op 27 augustus krijgt, uiterlijk 9 september weer terug zijn in Madrid.

Dat zijn hoogstens negen werkdagen en waarschijnlijk nog minder. Want bij elke tussenstap gaat er tijd verloren, en er zijn nogal wat tussenstappen. Minimaal zes vertalers en geen tijd om de vertalingen van die zes consistent te maken qua stijl en terminologie. Ik maak me daar inmiddels allang niet meer druk over. Een jaar of 15 geleden nog wel. Ik voelde het als mijn verantwoordelijkheid om de klant te wijzen op de gevolgen van de strakke tijdschema’s, die vergeleken met nu achteraf gezien helemaal niet zo strak waren. Maar eindklant X is een van de grootste softwarebedrijven ter wereld, met zeker twintig jaar lokalisatie-ervaring, en zou dus inmiddels veel beter moeten weten. Mijn conclusie? Het maakt blijkbaar helemaal niet meer uit wat er staat, als het maar Nederlands is en het niet kan leiden tot rechtszaken tegen eindklant X.

Het doet me denken aan een opdracht die ik eerder dit jaar, ook via een vertaalbureau, deed voor een televisiefabrikant. Ik moest de menuteksten vertalen die bij het instellen van de tv op het scherm verschijnen en waarvoor uiteraard maar beperkt ruimte is. Een paar vertalingen pasten met geen mogelijkheid binnen de limiet, hoe ver ik ze ook inkortte. Als ik ze nog verder zou inkorten, zou niemand meer begrijpen wat er stond. Reactie van de projectmanager bij het vertaalbureau: het kan mijn klant niet schelen of het begrijpelijk is, als het maar op het scherm past…

Maar goed. Ik heb aangegeven dat ik beschikbaar ben en las dat er hoger in de keten toch om wat minder strakke deadlines wordt gevraagd. Ik ben benieuwd hoe dit zal gaan!

Cavia

Een niet met naam genoemde redacteur van de Telegraaf op internet denkt blijkbaar niet na bij wat hij of zij schrijft. In een artikel over de Mexicaanse griep dat waarschijnlijk uit het Engels is vertaald, wordt ‘guinea pig’ klakkeloos vertaald als ‘cavia’, en blijkbaar is er niemand op de redactie die dat vreemd vindt:

“Tevens maakt de arts zich grote zorgen over het griepvaccin dat momenteel in Duitsland wordt getest. Dat wordt gekweekt op kankercellen van dieren. Volgens Wodarg zou er een kankerrisico voor gevaccineerden kunnen zijn. Dat wordt echter pas jaren na de voorgenomen massale inentingen duidelijk. Volgens Wodarg worden de Duitsers massaal als cavia gebruikt.”

cavia

Compact tolken

Lost in Translation. De film is al zes jaar oud, maar ik had hem nog niet gezien. Vandaag werd hij uitgezonden op Canvas. Een leuke en mooie film over communicatie en vooral communicatieproblemen in allerlei vormen. Helemaal in het begin zit een leuke scène met een tolk, die een heel nieuwe betekenis geeft aan ‘compact tolken’. Ik zag de scène met Nederlandse ondertiteling voor het Engels, maar het Japans werd niet vertaald. Je kunt je daardoor helemaal inleven in de verwarring van Bill Murray. Op internet vond ik deze versie, waarin het Japans wel en het Engels juist weer niet wordt vertaald. En daaruit blijkt dat die verwarring van Bill Murray volkomen terecht was.

Lost In Translation “Lost Dialogue” With English SubtitlesMore free videos are here

Vakantie

Ik mag dan wel vakantie hebben genomen van mijn werk, maar dat kan mijn relaties niet schelen. Hoe vaak ik mijn contactpersonen bij mijn belangrijkste klanten ook heb doorgegeven dat ik zes hele weken niet werk, ze blijven maar mailtjes sturen om te proberen me aan het werk te zetten. Ik lees ze niet eens meer. Ik scan ze snel op datums, en als het niet gaat om een opdracht voor ná mijn vakantie, gaat er een standaardantwoord terug.

En er zijn natuurlijk ook relaties die niet kunnen weten dat ik vakantie heb. Zo lag vandaag dan toch eindelijk de langverwachte brief van de Kamer van Koophandel in de bus. Ik ben al bijna acht jaar zelfstandige, maar de KvK in Amsterdam weigerde mij destijds, als uitoefenaar van een vrij beroep, in te schrijven. Nu is de wet veranderd en móest ik me inschrijven. Dat had ik al een behoorlijke tijd geleden gedaan en ik begon zo langzamerhand te denken dat ze me waren vergeten, maar vandaag kreeg ik dan toch het bewijs van inschrijving.

De KvK van Groningen had zijn best gedaan met een leuke welkomstbrief. Het stond er allemaal erg positief. Zo van: “Niet alleen wij heten u welkom, maar veel anderen ook. Dus u kunt binnenkort allerlei interessante aanbiedingen verwachten.” Laat dat nu net de reden zijn dat ik de afgelopen jaren blij was dat ik niet was ingeschreven… Maar toch. Ik heb nu niet alleen een btw-nummer en een boekhouder, maar ook een KvK-nummer. Het wordt steeds ‘echter’ en het lijkt steeds professioneler. Niet vergeten om dat nieuwe nummer overal te vermelden waar het moet staan!

Afgezien van die vrijwel dagelijkse mailtjes en nu en dan een verdwaalde brief is het verder toch nog vooral gewoon vakantie. Vandaag is bovendien een kort hittegolfje begonnen, dus ik ben er met man en kind op uit getrokken voor een fietstocht over de hei. De chaos in de schuur kan wel wachten tot het weer wat minder warm is!

Hello world :-)

Daar heb je ‘t al. Nog maar net begonnen met mijn blog en ik weet het al niet meer. Ik wist zo zeker dat ik in het Engels ging schrijven, vanwege het grotere bereik, maar nu twijfel ik toch weer. Want ik ben Nederlands en woon en werk in Nederland, dus Nederlands is een veel logischere keuze. Maar ik heb de Engelse URL al geregistreerd, dus dan toch maar Engels? Nee. Hier en nu besluit ik dat het Nederlands is. Voorlopig dan…

Maar goed. De blog is er, inclusief een eerste logje, anders staat het zo leeg. Aan de lay-out moet ik nog wat werken en de informatiepagina’s zijn er ook nog niet, maar het is een begin. Ik heb nog een dag of tien vakantie, dus ik heb de tijd nog voor de rest.