Ventileren met ventilatie bij in brand geraakt brandje

Er was vanmiddag brand in een plaatselijke pizzeria en daarover werd bericht op een lokale website. Ik doe in het algemeen erg mijn best om me niet al te veel te storen aan de fouten en foutjes op dat soort sites, maar dit berichtje zag eruit alsof het door een vertaalcomputer was geproduceerd. Alleen was het niet vertaald, maar gewoon door iemand geschreven. Ik vraag me wel af hoe dat dan precies is gegaan.

Voor het geval de fouten later nog worden gecorrigeerd neem ik de hele tekst hier even over:

Oven brandt bij pizzeria restaurant Bella Italia

Assen – Vanmiddag 17:24 uur kwam bij de brandweer van Assen een melding binnen van winkelbrand bedrijf pizzeria restaurant Bella Italia aan de markt in Assen. Bij aankomst van de brandweer bleek het mee te vallen in de keuken was een klein brandje in een oven door onbekende reden in brand geraakt. De brandweer van Assen heeft het restaurant geventileerd met ventilatie Canon de rook uit het pand krijgen. De gasten van het restaurant bleven hierbij ongedeerd. Video morgen

Video mogen

 

Patricia Ryan: Dring niet aan op Engels

Ik vond het laatst weer eens tijd voor een TED Talk. Dan duurt het even voordat mijn aanvraag is goedgekeurd, ikzelf de ondertiteling heb vertaald, de vertaling is toegewezen aan een reviewer, de reviewer mijn vertaling heeft bekeken en zijn (of in dit geval haar) opmerkingen met mij heeft besproken en de ondertiteling is gepubliceerd. Maar nu is het dan toch zo ver: Dring niet aan op Engels, door Patricia Ryan, met Nederlandse ondertiteling van mij:

http://video.ted.com/assets/player/swf/EmbedPlayer.swf

(En het lukt me helaas nog steeds niet om een TED-video zo te ’embedden’ dat je hem ook gewoon hier op je scherm ziet. Dus als iemand een idee heeft…)

Taal en perceptie

Ik kwam toevallig terecht op een artikeltje op nu.nl van een maand of twee geleden. Het ging daarin over de invloed van het leren van een vreemde taal op de manier waarop mensen kleuren zien. Verrassend genoeg blijkt daar een verband tussen te zijn. In het tijdschrift Bilingualism: Language and Cognition is een artikel verschenen over een onderzoek dat daarnaar is gedaan. Nog korter samengevat dan op nu.nl: in het Grieks en in het Japans bestaan aparte woorden voor lichtblauw en donkerblauw. Dus niet alleen ‘blauw’ met iets ervoor, maar twee heel verschillende woorden. In het Engels is dat niet zo, net zoals in het Nederlands. Als Grieken of Japanners Engels hebben geleerd, blijkt de mate waarin ze onderscheid kunnen maken in verschillende kleuren blauw af te hangen van welke taal ze het meeste spreken. Als ze vaker Grieks of Japans spreken, herkennen ze meer verschillende blauwtinten dan wanneer ze vooral Engels spreken.

Aan de ene kant vind ik dat heel bijzonder, aan de andere kant ook weer niet. Want dat talen invloed hebben op wat je auditief kunt onderscheiden, wist ik al langer. In het eerste jaar van mijn studie Deens heb ik heel wat uurtjes doorgebracht in het talenlab om het verschil te leren horen tussen verschillende klanken die voor mij allemaal klonken als ‘oo’. Of als ‘ee’. In het Nederlands hebben we nu eenmaal minder klinkers dan in het Deens. En Chinezen horen het verschil tussen ‘l’ en ‘r’ niet, omdat het Chinees alleen maar een medeklinker kent die daar tussenin ligt. Wat je niet in je eigen taal kent, kun je dus ook niet herkennen in een andere taal.

Zo kan ik me ook wel voorstellen dat je minder verschil maakt in kleuren als je minder verschillende woorden voor kleuren hebt geleerd. Als je alleen de woorden ‘rood’, ‘geel’ en ‘blauw’ leert, zul je rose en donkeroranje als rood zien, en paars als blauw. En als je dan een andere taal leert waarin ook de woorden ‘rose’, ‘oranje’ en ‘paars’ voorkomen, zul je in het begin moeite hebben om het verschil te zien tussen al die kleuren. Maar wat ik me niet kan voorstellen is dat het andersom ook zo zou werken. Dat als je moedertaal een taal is met veel verschillende woorden voor kleuren en je later regelmatig een taal gaat spreken met minder verschillende woorden, je ook minder verschillen gaat zien. Maar volgens die onderzoek is dat blijkbaar wel zo.

Oppassen dus met het spreken van vreemde talen. Voor je het weet verandert je perceptie!

Blogrevival

Tja, hoe gaan die dingen? Ooit startte ik een weblog. Ik had geen idee wat ik er precies mee wilde en vulde het met van alles en nog wat wat ik leuk en/of interessant vond. Een deel ervan had met m’n werk te maken, een deel was meer persoonlijk, en een deel bestond gewoon uit grappige filmpjes of leuke weetjes die ik met anderen wilde delen. Na verloop van tijd blogde ik steeds minder, want ik had alles wel eens een keer gehad. Het weblog (of is het de weblog – daar ben ik nog steeds niet helemaal uit?) bloedde een beetje dood.

Intussen had ik wel de behoefte om me zakelijk wat meer te profileren. Ik maakte een weblog voor mijn werk, waarop ik alles kwijt kon wat te maken had met taal, talen, vertalen en mijn leven als ‘working at home mum’ (WAHM, wat toch wat leuker klinkt dan thuiswerkmoeder, of niet?). En ik maakte een twitter-account, waarop ik begon te verwijzen naar de stukjes die ik blogde. Dat zorgde voor meer lezers, zeker als ik het over een in mijn kringen spraakmakend onderwerp had.

Ook in dat werkblog kwam na verloop van tijd de klad. Minder tijd, minder inspiratie, geen idee waar ik nu eigenlijk echt naartoe wilde. Intussen begon ik op 1 januari wel met iets anders: een fotoproject. Iedere dag een foto. Dat hou ik tot nu toe, met zo af en toe een kleine onderbreking, redelijk vol. Zo nu en dan ontbreekt de inspiratie, maar het komt ook vaak voor dat ik veel meer foto’s maak dan ik kan plaatsen. En daar wilde ik wel iets mee.

Dus besloot ik om mijn eerste weblog nieuw leven in te blazen. En om de nieuwe start te symboliseren (en ook omdat ik WordPress veel handiger vind werken dan Web-log), deed ik dat met een nieuwe site. De bedoeling was om daar in ieder geval de niet-geplaatste foto’s te laten zien, en zo nu en dan misschien ook over iets anders te bloggen.

Dat hield ik even vol, maar toen werd het druk. Met werk, maar ook met het 25-jarig jubileum van het koor waarvan ik secretaris ben. Ik had gewoon veel te veel andere dingen te doen om ook nog eens weblogs en fotoprojecten te gaan bijhouden.

Maar toen kwam blogger en tweep @EstherDo vorige week opeens met een blogrevival op de proppen. En dat vond ik een mooie gelegenheid om mijn twee eigen blogs weer eens op te peppen. Dus ik gaf me op om mee te doen, er niet bij stilstaand dat die blogrevival precies in de week voorafgaand aan het eerder genoemde jubileum was gepland.

Vandaag was de eerste dag en werd ik dus geacht op ten minste één van mijn blogs iets te schrijven. Maar ja, eerst kwam om 8 uur vanmorgen de verwarmingsmonteur. Toen had ik een dringende deadline. De koorrepetitie van vanavond begon voor mij een uur eerder dan normaal en de nazit duurde wat langer dan anders. En dus is het nu net na middernacht en heb ik nog steeds niet echt geblogd. @EstherDo, morgen ga ik écht beginnen, hoop ik. Is dat goed?

Over achten, panty’s, zaadlijsten en energie

Er zijn zo van die dagen dat taalfouten in de media me meer opvallen dan anders. Of dat er meer fouten gemaakt worden, dat kan ook. Vandaag lijkt zo’n dag te worden.

Het begon al bij het ontbijt, toen ik de kranten las. In het Dagblad van het Noorden werd iemand die werd aangeduid aan “Neerlandica, dichteres en docent aan de Schrijversvakschool” geïnterviewd over het vwo-eindexamen Nederlands van gisteren. Ze vond het een pittig examen en dacht niet dat er veel hoge cijfers gehaald zouden worden: “Ik verwacht niet veel achtens en negens”. Nu weet ik best dat er hier in het noorden veel mensen zijn die het over achtens hebben als ze achten bedoelen. Zo zeggen ze ook rekenings in plaats van rekeningen. En ook Neerlandici hebben recht op hun eigen streektaal. Maar als je met zo’n achtergrond en in deze situatie wordt geïnterviewd, dan let je toch op je taal? En als journalist neem je die taalfout toch niet over? En als corrector (voor zover die er nog is bij de krant) laat je dat toch niet staan?

Goed. Dagblad van het Noorden uit, verder met de Volkskrant. Daarin waren vier pagina’s volgeschreven over Dominque Strauss-Kahn, die een kamermeisje van een hotel zou hebben aangerand. In een van de artikelen stond dat hij haar panties naar beneden had getrokken. Een pagina verder waren het haar panty’s. Het juiste meervoud is natuurlijk panty’s, maar afgezien daarvan: hoeveel panty’s zou die vrouw hebben aan gehad? Ik neem aan dat het er maar één was, dus er had gewoon panty moeten staan.

Omdat in beide artikelen het meervoud werd gebruikt, vermoed ik dat de journalisten zich baseren op Engelse bronnen waarin over panties wordt gesproken. Maar het Engelse panties betekent niet panty, maar onderbroek. Een Nederlandse panty heet in het Engels panty hose. Wat heeft DSK nu naar beneden willen trekken? Een panty, of toch een slipje? Ik heb geprobeerd dat na te zoeken op Engelstalige websites, maar ook daar wordt de ene keer over panties gesproken en de andere keer over een panty hose.

Over naar iets prozaïschers. Rond een uur of half elf hield ik even pauze van m’n werk en ik wilde even televisie kijken. Ik zapte wat rond en viel midden in Koffietijd op RTL4. Daar legde een tv-kok uit hoe je gemakkelijk een paprika kunt schoonmaken: “Ik wip het kopje en kontje eraf, dan snijd ik hem door het midden in en dan kan ik zo in één keer het hele klokhuis eruit halen”. Ik dacht dat het over paprika’s ging, maar klokhuizen zitten alleen in appels en peren. Paprika’s hebben zaadlijsten.

Toen presentatrice Quinty vervolgens een onderwerp ging presenteren over de week van de enejssjie en bij mensen thuis ging kijken hoeveel enejssjie die konden besparen, ben ik afgehaakt. Voor mij even genoeg taalproblemen in de media voor vandaag!